Expo

PXL MAD School of Arts

Oh, contraire

Vrijdag
9 juli 2021
Zaterdag
31 juli 2021

De expositie ‘Oh, contraire’ toont een selectie van werk van studenten Beeldende Kunst, met bijzondere aandacht voor een compromisloze eigenzinnigheid. Het mag verbluffend genoemd worden welke artistieke kwaliteiten deze jonge kunstenaars tonen. Ze kunnen zich van de brede stroom losmaken en voorgekauwde formules vermijden, om op die manier een persoonlijke artistieke identiteit te ontwikkelen. Dat deze kunstenaars in een prille fase van hun loopbaan een gezonde zelfkritiek tonen, hun eigen werk in vraag stellen en tegendraads durven zijn, is veelbelovend. De focus ligt duidelijk op het eigen werk.

 

In deze selectie toont het boek als medium haar veelzijdigheid aan. Een naslagwerk van een onderzoek naar de betekenis van het woord ‘noodlot’, een handleiding als samenvatting van iemands zelfanalyse of een flipboekje dat uitpuilt van de nostalgie zijn hiervan de uiteenlopende invullingen. Ander werk is het resultaat van het recupereren van gebruikte, banale materialen. Daarmee worden een reeks ontwapenende assemblages en een installatie met oog voor grafische esthetiek van alledaagsheid gemaakt. Telkens met het nodige gevoel voor humor. Even ontwapenend zijn de grote monotypes die uitblinken in puurheid en een monochromatisch, afgemeten gecomponeerd schilderij dat knipoogt naar illustratie.

 

Een gezonde zelfkritiek is terug te vinden in enkele schilderijen die kaderen in het idee van de kunststudent die afstand neemt van het eigen werk. Een periode van figuratie wordt in deze gevallen geherdefinieerd tot een abstracte beeldtaal. Bewonderenswaardig is tegelijk de keuze om monumentale architecturale houtskooltekeningen op een fragiel textiel uit te werken.

 

Door een transpallet met een stapel van oude fauteuils binnen te rijden of door een minutieus geschilderd en persoonlijk werk met een subtiele compositietwist te tonen, daag je de toeschouwer uit tot een kritische second look. Deze werken zijn eigenzinnig door hun doordachte gewiekstheid en bewaren tegelijkertijd hun beklijvende intimiteit.

 

Zelfrelativering die zich manifesteert in een vorm van humor verraadt ook een zekere eigenzinnigheid van de kunstenaar. Als je je eigen artistiek proces registreert in een video die op haar beurt een op zich staand videowerk wordt en waarin tegelijkertijd de moeilijkheid met taal wordt uitgespeeld als een humoristisch gegeven, dan bewijs je als jonge kunststudent een grote artistieke intelligentie.

 

‘Oh, contraire’ toont de toeschouwer geen samenvatting van een artistieke mainstream. Integendeel.

 

Gert De Clerck